GB OVER SPOUWVERANKERING


CORROSIE EN REGELGEVING

Spouwankers hebben als functie om de binnenmuur en buitenmuur (ofwel binnenblad en buitenblad) van een spouwmuur met elkaar te koppelen. De specifieke eisen aan spouwankers zijn beschreven in de NEN-EN 845-1 en de duurzaamheidseisen staan in de NEN-EN 1996-2. Deze laatste norm bevat een overzicht van de milieuklassen (MX) waarin het metselwerk is ingedeeld.

Metselwerk van een buitengevel wordt blootgesteld aan vocht (regen/condens) en vorst-/dooiwisselingen. Dit betekent dat hier voor de spouwverankering in de regel milieuklasse MX3.2 van toepassing is. Gevelmetselwerk direct aan de kust of naast wegen waarop ’s winters zout wordt gestrooid, wordt geclassificeerd als MX4.

Voor de milieuklassen MX3.2 en MX4 geldt dat RVS 316 O.G. (werkstofnummers 1.4401, 1.4404, 1.4362 en 1.4571) altijd mag worden toegepast. Volgens de theorie is het toegestaan om binnen milieuklasse MX3.2 verzinkte materialen toe te passen, mits de zinklaag minimaal 940 g/m2 is. In de praktijk is het echter technisch en economisch dermate uitdagend om een dergelijke laagdikte aan te brengen op het staal van spouwankers, dat dit geen interessante optie is. Kortom, gebruik RVS 316 kwaliteit O.G. voor buitenmetselwerk.

De juiste spouwverankering voor een gebouw is verder afhankelijk van o.a. toegepaste bouwmaterialen, spouwbreedte, type isolatiemateriaal en windbelasting. Gebr. Bodegraven is expert op het gebied van spouw- en elementverankering en heeft zodoende voor elke situatie een passende oplossing.

Flexplug

Perfoplug

Uni Flexplug

Uni Perfoplug

Meer informatie?

Wij informeren u graag rondom de mogelijkheden van spouw- en elementverankering.
Onze website www.gb.nl biedt handige tools en
daarnaast staan onze experts voor u
klaar met persoonlijk advies