Parels van beton

een rondje langs Delftse monumenten

Natuurlijk, er zijn tal van voorbeelden te bedenken van gebouwen uitgevoerd in beton, die een belangrijke stempel op de architectuurgeschiedenis hebben gedrukt. Maar wat als je niet zo ver weg wilt als Ronchamp of Marseille?

Dichter bij huis hebben we ook wel een paar aansprekende voorbeelden…

Van den Broek en Bakema

In Delft staan nogal wat gebouwen, ontworpen door Van den Broek en Bakema. Eén gebouw, dat ik graag op deze lijst zou hebben gezet, is helaas in 2008 door brand verwoest: de Faculteit Bouwkunde aan de Berlageweg. Maar ook zonder het Bouwkunde-gebouw blijft er genoeg Van den Broek en Bakema over.


Tekst en Beeld: Margo van Voskuilen

Aula TU Delft, Mekelweg 5

De aula van de TU Delft, aan het begin van de Mekelweg, wordt soms vergeleken met een ruimteschip of ufo. Het gebouw werd in 1959 in Brutalistische stijl ontworpen door J.P. Bakema, van Van den Broek en Bakema, en opgeleverd in 1966. Van den Broek en Bakema waren beide alumni van de TU Delft (of eigenlijk van de Technische Hogeschool Delft). De aula is een rijksmonument.

Het grote overstek aan de voorzijde van het gebouw is de vloer van het grote auditorium. De betonconstructie uit ter plaatse gestort gewapend beton is voorzien van voorspanwapening, waarvan de schroefeinden in het beton aan de buitenzijde van het gebouw zichtbaar zijn. Ook aan de achterzijde kent het gebouw een overstek, maar dat is minder uitgesproken.

Ketelhuis met pomphuis en transformatorstation, Leeghwaterstraat 36


Het ketelhuis is een voorbeeld van Functionalisme en Expressionisme en een gemeentelijk monument. Dit bouwwerk naar ontwerp van J. Rijnsdorp van Van den Broek en Bakema was oorspronkelijk verbonden aan het laboratorium voor Warmte- en Stoftechniek aan de Rotterdamse weg, dat in 2006 gesloopt is.

De grote uitkragende volumes boven de twee glazen puien waren kolenbunkers, waar de voorraad steenkool werd opgeslagen waarmee de energievoorziening werd gestook. De vormgeving van de puien, waar het glas in beton is gevat, is erop gericht het risico van schade door vallende steenkool zo klein mogelijk te maken.

Stevinlaboratorium,
'Stevin III', Pieter Calandweg 3, 5


Niet het gebouw van de faculteit Civiele Techniek, maar de eraan grenzende laboratoria zijn gemeentelijke monumenten. Eén ervan is het Stevinlaboratorium Stevin III, naar ontwerp van Hans Boot van Van den Broek en Bakema. Het faculteitsgebouw en de laboratoria zijn tegelijkertijd ontworpen en gebouwd, in de periode 1964 - 1975, maar alleen de labs hebben het tot gemeentelijk monument weten te schoppen, waarschijnlijk omdat daaraan minder verbouwd is.

Stevin III wordt gezien als een gaaf voorbeeld van functionalistische stijl, met hoge esthetische kwaliteit van compositie, detaillering, constructie en materiaalgebruik. Helaas is het gebouw omringd door bebouwing en begroeiing, waardoor het lastig in zijn geheel te zien is.

Woongebouw 'Elvira',
Jacoba van Beierenlaan 95a-233


Dit flatgebouw met een tweelaagse onderbouw met entree, bergingen en garages en een bovenbouw van 12 woonverdiepingen heeft een bijzondere indeling, met verschillende woningtypes over meerdere woonlagen. De 64 woningen worden ontsloten vanuit vier inpandige galerijen of binnengangen, die in de kopgevel herkenbaar zijn door de vier grote vensters.

Het ontwerp van de Elviraflat is afgeleid van dat van het woongebouw dat door Van den Broek en Bakema werd ontworpen voor de Interbau 1957 in Berlijn. De architecten kregen in 1960 opdracht van GEM Bouw om een vergelijkbaar gebouw in Delft te ontwerpen. In het woongebouw zijn door de split-level systematiek eenkamer-, driekamer- en vijfkamerwoningen rondom de centrale binnengangen gesitueerd.

In de ter plaatse gestorte kopgevels tekenen de naden tussen de opeenvolgende stortgangen zich af. Hierin zijn de trappenhuizen en de liftschacht opgenomen, vanwege de constructieve stijfheid. Aan de verspringende stortnaden zijn ook de verspringende vloerniveaus af te lezen, die het split-level principe mogelijk maken. De overige gevel-, vloer- en wandelementen zijn ter plaatse gefabriceerd en vervolgens gemonteerd. De Elviraflat is een gemeentelijk monument.

Woongebouw Delfgauwsche Weije,
Bieslandseka
de 70-204
Hendrick de Keyserweg 4-6

Een woongebouw, waarin bejaardenwoningen, wijkgebouw, medisch centrum en kleuterschool gecombineerd werden. De architect, S.J. van Embden, had de combinatie van bejaardenhuisvesting en kinderopvang in Denemarken gezien en had dit principe verwerkt in het functionalistische ontwerp dat hij in samenwerking met M.C. van der Meer maakte. Het 10 verdiepingen hoge gebouw is tussen 1951 en 1959 gebouwd als centrum voor de nieuwe wijk Delfgauwsche Weijt.

De hoogbouw bestaat uit een galerijflat van acht verdiepingen, die oorspronkelijk gezinswoningen, tweepersoons- en eenpersoonswoningen bevatte, die ontsloten werden vanaf galerijen aan de oostzijde. De onderbouw bevatte twee woonverdiepingen met een middengang waaraan eenpersoons- en tweepersoonskamers aan weerszijden lagen. Tussen de onderbouw en de hoogbouw bevindt zich een laag bergingen met kleine vierkante ramen.

In de noordelijke laagbouw bevonden zich een eetzaal, wijkzaal en conciërgewoning. Parallel aan de Bieslandsekade was het mortuariumgebouw ondergebracht. Waar het mortuariumbeoug onder de hoogbouw uitsteekt, is deze een halve verdieping opgetild, zodat de haaks erop liggende vleugel met de kleuterschool eronder geschoven lijkt.

De betonconstructie is deels in de gevel zichtbaar, met als meest opvallende element de betonnen jukken waaraan de galerijen met staalkabels opgehangen zijn. De gesloten koker van de lift- en traptoren is uitgevoerd in schoonbeton. De torenflat aan de Bieslandsekade is sinds 2009 een gemeentelijk monument.

Transformator- en schakelstation,
Nieuwelaan 49

Ontworpen door G. Hamerpagt in functionalistische stijl, tussen 1956 en 1960 gebouwd. Dit gebouw is een van twee in opzet gelijke schakelstations in Delft. Het gebouw aan de Nieuwelaan 49 is echter veel minder verbouwd dan het gebouw aan de Energieweg. Het gebouw aan de Nieuwelaan is een gemeentelijk monument.

Wie langs de Kanaalweg rijdt of op het Rijn-Schiekanaal vaart, heeft goed zicht op de achterzijde van het schakelstation, waar net als in de andere gevels de betonnen skeletconstructie goed zichtbaar is. De kopgevels en de smallere verticale velden in de langsgevels waren oorspronkelijk geheel beglaasd, maar een deel daarvan is in 1985 dichtgezet met invullingen van metselwerk.